Warmtevoorziening
Passief en Actief
Ruimteverwarming met passieve warmte
De ruimteverwarming in een Isomax passiefhuis is grotendeels afkomstig van zogeheten passieve warmte: warmte die in principe al aanwezig is en niet speciaal hoeft te worden opgewekt. Zonnewarmte is hier een belangrijk onderdeel van. Maar denk ook aan de warmte afkomstig van verlichting, van elektrische apparatuur en aan de warmte-uitstraling van het menselijk lichaam. Een volwassen persoon geeft warmte af dat vergelijkbaar is met een lamp van 100 Watt. Door de hoge isolatiewaarde blijft de optelsom van deze warmte binnenshuis. In bestaande woning gaat zoveel warmte verloren dat deze passieve warmtebronnen er niet toe doen.
Warmte blijft optimaal behouden
In een Isomax passiefhuis blijft zoveel warmte behouden, dat er in het stookseizoen maar beperkt extra warmte hoeft te worden aangevoerd. Dit gebeurt met behulp van duurzame, milieuvriendelijke en energiezuinige technieken. Het Isomax passiefhuis kan worden uitgerust met een compacte installatie die de ventilatie, de warmteterugwinning (wtw), het warme tapwater en de ruimteverwarming verzorgt.
Waarvoor is nog warmte nodig?
De meeste warmte die in een passiefhuis nodig is, wordt gebruikt voor tapwater. Meestal wordt voor zonnecollectoren op het dak gekozen, of nog liever de nieuwe generatie vacuüm buizen collectoren die een hoger rendement opleveren dan de bekende “zwarte bakken”. Deze kunnen via de zon ca. 60% – 70% van de benodigde energie opwekken. Hoe groter de warmwaterboiler, des te groter is het rendement. Het restant van de energie kan worden verkregen door de resterende warmte van de warmteterugwinunit en de lucht-water warmtepomp.
Efficiente warmteterugwinning
De lucht-water warmtepomp is een warmtepomp die zijn energie uit de buitenlucht onttrekt en afgeeft aan water. Aan de bronzijde wordt lucht aangezogen. Door de relatief hoge luchttemperatuur en het snel condenserende koudemiddel dat zich in de warmtepomp installatie bevindt, wordt het koudemiddel door de verdamper omgezet naar damp met een hoge temperatuur en lage druk. De compressor comprimeert de damp naar een hoge druk. Door het comprimeren van de damp ontstaat een hoge temperatuur, deze warmte wordt d.m.v. een wisselaar (condensor) overgedragen aan de warmwaterboiler. De temperatuur van het koudemiddel wordt hierdoor lager, waardoor het gas gaat condenseren. De ontstane vloeistof wordt door een expansieventiel naar een lagere druk gebracht. Dit proces kan zich steeds opnieuw herhalen.
Verwarmen en koelen
Naast verwarmen is het ook mogelijk om te koelen met deze warmtepomp. In feite wordt dan hetzelfde principe toegepast maar dan in omgekeerde volgorde. Langs deze weg werkt ook uw koelkast.


